Mail ons

Overzicht

Contracteren in corona-tijd met de lange termijn in het vizier

Blogpost 25 Feb 2021

Mensen die vaker met me gewerkt hebben, weten dat ik, voordat ik een opdracht aanneem, stevig contracteer op de condities waaronder ik een opdracht ga doen. Maar hoe doe je dat met eenzelfde methodische precisie en scherpte via een beeldscherm? En hoe doe je dat in een tijd waarin de corona-maatregelen die de regering bedenkt op dagelijkse basis kunnen veranderen, zowel in vorm als in onderliggende visie?

Enerzijds vraagt dit om een langetermijnperspectief van jouzelf als interventiekundige en anderzijds om het vermogen om je opdrachtgever te helpen bij het in een langetermijnperspectief plaatsen van zijn of haar kortetermijnbeslissingen. Zo kan het voor een interventiekundige gunstig lijken om alle ontmoetingen in tijden van lockdown en “halve lockdown” dan maar via beeldscherm te organiseren. Dan heb je in ieder geval nog opdrachten en omzet. Maar houd je dan ook rekening met de langetermijneffecten?

Kortetermijnbesluit vs. langetermijnperspectief

Het kan voor een opdrachtgever ‘consequent’ lijken om zijn of haar organisatie te ontwikkelen via Zoom of Teams: je houdt je aan de corona-regels. Maar plaatst je opdrachtgever dat ogenschijnlijk consequente kortetermijnbesluit dan wel in de langetermijnvisie en -strategie van zijn of haar organisatie?

Mijn ervaring is dat je via beeldscherm slechts in bepaalde omstandigheden net zo effectief kunt interveniëren als in een live situatie. Zoom en Teams lenen zich uitstekend voor het uitwisselen van kennis en voor het praktisch afstemmen van handelen. En als je al langer relatie hebt met de persoon aan de andere kant van het beeldscherm, kun je zelfs hele persoonlijke gesprekken voeren, diegene zelfs confronteren met zijn of haar tekortkomingen.

Digitaal of live ‘uit de pas lopen’: een wereld van verschil

Wat ik echter in mijn werk als interventiekundige doe, is ‘uit de pas lopen’. Ik onderzoek wat ‘de orde van spreken’ is in de betreffende organisatie (de wijze waarop betrokkenen met elkaar betekenis en dus werkelijkheden produceren) en introduceer vervolgens manieren van betekenisgeven die deze orde van spreken ter discussie stellen. De vraagstukken die een organisatie heeft, zijn namelijk ontstaan binnen die bestaande orde van spreken. Als interventiekundige blijven binnen die orde van spreken, betekent dat ik de orde van spreken – en daarmee de daarin ontstane vraagstukken – bevestig en verder vastzet. Op het moment dat ik ‘uit de pas loop’, kom ik aan iets waar mensen aan gehecht zijn geraakt. Ik zet als het ware een ‘kraak’ in de bestaande gewoonten en patronen. En daar leent Zoom of Teams zich niet zo lekker voor, heb ik gemerkt. Dat vraagt om veel meer bedding en dus om live ontmoetingen.

Om ook op de lange termijn uitgenodigd te worden door opdrachtgevers, zal ik dus heel precies samen met mijn opdrachtgever moeten afwegen welke ontmoetingen ik online doe en welke ontmoetingen niet. Alleen als ik voldoende uit de pas loop, kan ik effectief zijn en bijdragen aan een noodzakelijke verandering van de orde van spreken. En ik word alleen opnieuw gevraagd als interventiekundige als ik in eerdere opdrachten succesvol ben geweest en met de klant samen veranderingen heb weten te realiseren.

Contextafhankelijk en ‘intelligent’ met de maatregelen werken

Afgelopen week sprak ik in online intakegesprekken drie nieuwe opdrachtgevers. Samen met hen heb ik, na verkenning van hun vraagstukken, afgewogen wat online zou kunnen en wat niet. Bij de eerste opdracht (een intensive care in een ziekenhuis) waren de onderlinge conflicten zo groot dat de opdrachtgever zelf vroeg of ik alle gesprekken en ontmoetingen zo snel mogelijk en live zou willen doen. Het risico op uitval van artsen en verpleegkundigen in deze situatie was te groot.

Bij de tweede opdracht (een vrouwenopvangorganisatie) ging het om het verstevigen van het leiderschap binnen de organisatie. Er ging geen ‘vrouw’ overboord en we besloten de opdracht pas te starten in mei of juni, zodat ook dit organisatieontwikkelingstraject live zou kunnen plaatsvinden.

Bij de derde opdracht (een woningcorporatie met een grote woningvoorraad in ‘aandachtswijken’) viel de ene na de andere wijkmedewerker in de afgelopen maanden door burn-out uit. Als je op een galerij met acht woningen, zes woningen laat bewonen door mensen met een psychische stoornis, schuldenproblematiek, verslavingsproblematiek, vluchtelingenstatus, of andere problematiek, dan gaat het op zo’n galerij tijdens een lockdown niet zo lekker meer (daarvoor trouwens ook al niet, maar was het minder zichtbaar). De gemiddelde wijkmedewerker wordt overvraagd. En toen ik het even verder uitzocht, bleken de verschillende afdelingen in de woningcorporatie al jaren niet met elkaar samen te werken, waardoor de gemiddelde wijkmedewerker door zijn of haar collega’s ook eerder al niet zo best werd ondersteund. Bij die woningcorporatie besloten we te starten met individuele gesprekken met de managers van de wijkteams, de managers van de andere afdelingen, en het bestuur, die ik buiten al wandelend op 1,5m zou kunnen voeren. Om vervolgens misschien al in april eerste ontmoetingen in kleinere groepen te kunnen organiseren.

Waar ik mijn opdrachtgevers al met al toe uitnodig, is zich – om met Rutte te spreken – ‘intelligent’ te houden aan de maatregelen. En dus na te denken over de situaties, waarin zij uitzonderingen willen maken op de maatregelen om langetermijnschade bij medewerkers en hun cliënten, bewoners of burgers te voorkomen. Door daar goed over na te denken, draag je niet alleen bij aan het op korte termijn voorkomen van te veel corona-besmettingen, maar zorg je er ook voor dat je dat kunt blijven doen als de pandemie 3 jaar gaat duren of er nieuwe pandemieën uitbreken voordat deze voorbij is. Je holt immers je medewerkers niet uit en je blijft met je organisatie doen waarvoor de organisatie in het leven is geroepen: de noden van je cliënten, bewoners of burgers.

Hoe kun je succesvol én met passie en precisie contracteren en interviniëren in crisistijd? Het komt aan bod in Shirine’s leergang die dit najaar weer van start gaat.

Lees meer blogs over dit onderwerp en ontdek:
‘Leertraject Interveniëren met Passie en Precisie’

Mensen die vaker met me gewerkt hebben, weten dat ik, voordat ik een opdracht aanneem, stevig contracteer op de condities waaronder ik een opdracht ga doen. Maar hoe doe je dat met eenzelfde methodische precisie en scherpte via een beeldscherm? En hoe doe je dat in een tijd waarin de corona-maatregelen die de regering bedenkt op dagelijkse basis kunnen veranderen, zowel in vorm als in onderliggende visie?

Enerzijds vraagt dit om een langetermijnperspectief van jouzelf als interventiekundige en anderzijds om het vermogen om je opdrachtgever te helpen bij het in een langetermijnperspectief plaatsen van zijn of haar kortetermijnbeslissingen. Zo kan het voor een interventiekundige gunstig lijken om alle ontmoetingen in tijden van lockdown en “halve lockdown” dan maar via beeldscherm te organiseren. Dan heb je in ieder geval nog opdrachten en omzet. Maar houd je dan ook rekening met de langetermijneffecten?

Kortetermijnbesluit vs. langetermijnperspectief

Het kan voor een opdrachtgever ‘consequent’ lijken om zijn of haar organisatie te ontwikkelen via Zoom of Teams: je houdt je aan de corona-regels. Maar plaatst je opdrachtgever dat ogenschijnlijk consequente kortetermijnbesluit dan wel in de langetermijnvisie en -strategie van zijn of haar organisatie?

Mijn ervaring is dat je via beeldscherm slechts in bepaalde omstandigheden net zo effectief kunt interveniëren als in een live situatie. Zoom en Teams lenen zich uitstekend voor het uitwisselen van kennis en voor het praktisch afstemmen van handelen. En als je al langer relatie hebt met de persoon aan de andere kant van het beeldscherm, kun je zelfs hele persoonlijke gesprekken voeren, diegene zelfs confronteren met zijn of haar tekortkomingen.

Digitaal of live ‘uit de pas lopen’: een wereld van verschil

Wat ik echter in mijn werk als interventiekundige doe, is ‘uit de pas lopen’. Ik onderzoek wat ‘de orde van spreken’ is in de betreffende organisatie (de wijze waarop betrokkenen met elkaar betekenis en dus werkelijkheden produceren) en introduceer vervolgens manieren van betekenisgeven die deze orde van spreken ter discussie stellen. De vraagstukken die een organisatie heeft, zijn namelijk ontstaan binnen die bestaande orde van spreken. Als interventiekundige blijven binnen die orde van spreken, betekent dat ik de orde van spreken – en daarmee de daarin ontstane vraagstukken – bevestig en verder vastzet. Op het moment dat ik ‘uit de pas loop’, kom ik aan iets waar mensen aan gehecht zijn geraakt. Ik zet als het ware een ‘kraak’ in de bestaande gewoonten en patronen. En daar leent Zoom of Teams zich niet zo lekker voor, heb ik gemerkt. Dat vraagt om veel meer bedding en dus om live ontmoetingen.

Om ook op de lange termijn uitgenodigd te worden door opdrachtgevers, zal ik dus heel precies samen met mijn opdrachtgever moeten afwegen welke ontmoetingen ik online doe en welke ontmoetingen niet. Alleen als ik voldoende uit de pas loop, kan ik effectief zijn en bijdragen aan een noodzakelijke verandering van de orde van spreken. En ik word alleen opnieuw gevraagd als interventiekundige als ik in eerdere opdrachten succesvol ben geweest en met de klant samen veranderingen heb weten te realiseren.

Contextafhankelijk en ‘intelligent’ met de maatregelen werken

Afgelopen week sprak ik in online intakegesprekken drie nieuwe opdrachtgevers. Samen met hen heb ik, na verkenning van hun vraagstukken, afgewogen wat online zou kunnen en wat niet. Bij de eerste opdracht (een intensive care in een ziekenhuis) waren de onderlinge conflicten zo groot dat de opdrachtgever zelf vroeg of ik alle gesprekken en ontmoetingen zo snel mogelijk en live zou willen doen. Het risico op uitval van artsen en verpleegkundigen in deze situatie was te groot.

Bij de tweede opdracht (een vrouwenopvangorganisatie) ging het om het verstevigen van het leiderschap binnen de organisatie. Er ging geen ‘vrouw’ overboord en we besloten de opdracht pas te starten in mei of juni, zodat ook dit organisatieontwikkelingstraject live zou kunnen plaatsvinden.

Bij de derde opdracht (een woningcorporatie met een grote woningvoorraad in ‘aandachtswijken’) viel de ene na de andere wijkmedewerker in de afgelopen maanden door burn-out uit. Als je op een galerij met acht woningen, zes woningen laat bewonen door mensen met een psychische stoornis, schuldenproblematiek, verslavingsproblematiek, vluchtelingenstatus, of andere problematiek, dan gaat het op zo’n galerij tijdens een lockdown niet zo lekker meer (daarvoor trouwens ook al niet, maar was het minder zichtbaar). De gemiddelde wijkmedewerker wordt overvraagd. En toen ik het even verder uitzocht, bleken de verschillende afdelingen in de woningcorporatie al jaren niet met elkaar samen te werken, waardoor de gemiddelde wijkmedewerker door zijn of haar collega’s ook eerder al niet zo best werd ondersteund. Bij die woningcorporatie besloten we te starten met individuele gesprekken met de managers van de wijkteams, de managers van de andere afdelingen, en het bestuur, die ik buiten al wandelend op 1,5m zou kunnen voeren. Om vervolgens misschien al in april eerste ontmoetingen in kleinere groepen te kunnen organiseren.

Waar ik mijn opdrachtgevers al met al toe uitnodig, is zich – om met Rutte te spreken – ‘intelligent’ te houden aan de maatregelen. En dus na te denken over de situaties, waarin zij uitzonderingen willen maken op de maatregelen om langetermijnschade bij medewerkers en hun cliënten, bewoners of burgers te voorkomen. Door daar goed over na te denken, draag je niet alleen bij aan het op korte termijn voorkomen van te veel corona-besmettingen, maar zorg je er ook voor dat je dat kunt blijven doen als de pandemie 3 jaar gaat duren of er nieuwe pandemieën uitbreken voordat deze voorbij is. Je holt immers je medewerkers niet uit en je blijft met je organisatie doen waarvoor de organisatie in het leven is geroepen: de noden van je cliënten, bewoners of burgers.

Hoe kun je succesvol én met passie en precisie contracteren en interviniëren in crisistijd? Het komt aan bod in Shirine’s leergang die dit najaar weer van start gaat.

Lees meer blogs over dit onderwerp en ontdek:
‘Leertraject Interveniëren met Passie en Precisie’