Mail ons

Overzicht

Hoe bepaal je de prijs van schoonheid ?

Blog 7 Jul 2018

“Laat het me weten als je het antwoord gevonden hebt”, zei een van onze partners. Ik vroeg hem eerder of hij kon instemmen met de stelling: “Als je iets koopt is het van jou”. Hij antwoordde bevestigend. “En als iets van jou is mag je er dan mee doen wat je wilt?” Opnieuw werd er geknikt. “Dus als jij een Rembrandt koopt, mag je die in brand steken?”  “Euh, dat weet ik niet. Dat voelt toch aan als anders.”

Het gesprek ging over de zoektocht hoe je instrumentele/hedonistische en humanistische/ transcendente waarden met elkaar verenigt. Dat is een wereldwijde zoektocht waaraan Sioo in zijn dienstverlening naar individuele deelnemers en organisaties nadrukkelijk aandacht besteedt en onderscheidend is.

Veel mensen lopen op een zeker moment vast op het werk in de instrumentele waardencreatie. Deze ideologie draait rond presteren. Het gaat erover geloofwaardig en competent over te komen als individu of organisatie (Petriglieri et al, 2017). Hiervoor dien je te objectiveren, te abstraheren, te generaliseren, en afstand nemen van de creator van het object (Poldony & Besharov, 2004).  Voorbeelden genoeg: ministers die proberen de kosten van migratie expliciet te maken, adviesbureaus die een organisatie zo objectief mogelijk in kaart brengen en, ook in hun houding, afstand doen van de mensen die de organisatie creëren. De lean beweging van de laatste jaren, de abstracte taal en generalistische modellen van business schools en het ranken van MBA’s op basis van prijs, duur, type docenten en snelheid van terug verdienen van de investering. Het leidt geen twijfel dat in een complexe, ambigue wereld deze manier van werken waarde creëert voor veel mensen. Het geeft zekerheden. Zoals ook bleek uit de stelligheid van het eerste antwoord op mijn eerste vraag in het gesprek.

Veel leidinggevenden en adviseurs lopen echter op een bepaald moment mentaal vast in een wereld, gefocust op kostenreductie en omzetgroei. Ze ervaren iets beklemmend in hun (werk)leven, en verlangen terug naar meer mentale en emotionele ruimte. Ze ervaren een gemis. Het is alsof je probeert de waarde van een Picasso te beschrijven op basis van de grootte van het schilderij en de chemische kwaliteit van de verf. De humanistische/hedonistische waarde wordt hierdoor niet erkend.

Indien die echter niet zou bestaan, zou niemand een oldtimer kopen. Instrumenteel gezien is die auto onveilig, presteert minder, en vervuilt meer. En toch wordt juist aan die wagen terug gedacht op het sterfbed. Want die wagen had betekenis, daar hing een verhaal aan van een stoffige, oude schuur, een excentrieke eigenaar met een snor, en iets met de oorlog. En jij hebt daar in mogen rijden, en je hebt hem kunnen doorgeven aan je kleinkind dat er liefdevol mee om zal gaan omwille van alle warme persoonlijke herinneringen en het verhaal rond de wagen.

Humanistische of transcendente waarden gaan over het vinden van betekenis. Over betekenis geven aan het leven. De wortels ervan liggen in duidelijke waarden en een hoger doel dat je overstijgt (Petriglieri et al, 2017).  Vele mensen zijn hier naar op zoek in hun privé leven. Met de vakantie voor de deur zullen weer veel mensen zich existentiële vragen stellen over hoe ze de zin en betekenis ook terug in hun werk krijgen. Hoe ze, met andere woorden, de scheiding tussen het verlichtings- en romantisch denken (terug naar de natuur, gevoel) kunnen opheffen in de werkomgeving (cf. Charles Taylor). Een klant vertelde me dat hij dat probeert, door bewust niet meer in maatpak naar het werk te gaan maar in een spijkerbroek, ook al is de klant een bank.

Vele organisaties hebben dit ook begrepen en proberen hun waarden en betekenis te definiëren. Het motief is soms instrumenteel, maar even vaak authentiek. Vraag maar eens aan CEO’s waar ze het meest trots op zijn in termen van hun nalatenschap. Vaak krijg je geen antwoord in termen van cijfers en groei, maar bijvoorbeeld een verhaal over een schilderij dat ze in de ontvangsthal hebben laten hangen. Want dat is waar de echte worsteling in zit: hoe verbind je die betekenis en waarden aan de huidige instrumentele processen en structuren, die ook veel waarde creëren maar ook iets kapot maken? Voor je het weet begint het opeens te schuren. Dan gaat wat vloeide opeens stollen en eindigen betekenis en waarden weer in instrumenteel afvinkgedrag.

Veel leidinggevenden zijn vandaag zoekende naar hoe het anders kan. Hoe kan ik binnen het instrumentele kader, een betekenisvolle stap vooruit zetten? Hoe kan ik voor mezelf en voor de mensen in de organisatie betekenis toevoegen?

Bij Sioo maken we met schoonheid en precisie bewust ruimte voor mensen die dit willen onderzoeken. Zodat zij op hun beurt met schoonheid en precisie kunnen bijdragen aan de verdere ontwikkeling van zichzelf, hun organisatie en de maatschappij. Sioo, hoe anders.

“Laat het me weten als je het antwoord gevonden hebt”, zei een van onze partners. Ik vroeg hem eerder of hij kon instemmen met de stelling: “Als je iets koopt is het van jou”. Hij antwoordde bevestigend. “En als iets van jou is mag je er dan mee doen wat je wilt?” Opnieuw werd er geknikt. “Dus als jij een Rembrandt koopt, mag je die in brand steken?”  “Euh, dat weet ik niet. Dat voelt toch aan als anders.”

Het gesprek ging over de zoektocht hoe je instrumentele/hedonistische en humanistische/ transcendente waarden met elkaar verenigt. Dat is een wereldwijde zoektocht waaraan Sioo in zijn dienstverlening naar individuele deelnemers en organisaties nadrukkelijk aandacht besteedt en onderscheidend is.

Veel mensen lopen op een zeker moment vast op het werk in de instrumentele waardencreatie. Deze ideologie draait rond presteren. Het gaat erover geloofwaardig en competent over te komen als individu of organisatie (Petriglieri et al, 2017). Hiervoor dien je te objectiveren, te abstraheren, te generaliseren, en afstand nemen van de creator van het object (Poldony & Besharov, 2004).  Voorbeelden genoeg: ministers die proberen de kosten van migratie expliciet te maken, adviesbureaus die een organisatie zo objectief mogelijk in kaart brengen en, ook in hun houding, afstand doen van de mensen die de organisatie creëren. De lean beweging van de laatste jaren, de abstracte taal en generalistische modellen van business schools en het ranken van MBA’s op basis van prijs, duur, type docenten en snelheid van terug verdienen van de investering. Het leidt geen twijfel dat in een complexe, ambigue wereld deze manier van werken waarde creëert voor veel mensen. Het geeft zekerheden. Zoals ook bleek uit de stelligheid van het eerste antwoord op mijn eerste vraag in het gesprek.

Veel leidinggevenden en adviseurs lopen echter op een bepaald moment mentaal vast in een wereld, gefocust op kostenreductie en omzetgroei. Ze ervaren iets beklemmend in hun (werk)leven, en verlangen terug naar meer mentale en emotionele ruimte. Ze ervaren een gemis. Het is alsof je probeert de waarde van een Picasso te beschrijven op basis van de grootte van het schilderij en de chemische kwaliteit van de verf. De humanistische/hedonistische waarde wordt hierdoor niet erkend.

Indien die echter niet zou bestaan, zou niemand een oldtimer kopen. Instrumenteel gezien is die auto onveilig, presteert minder, en vervuilt meer. En toch wordt juist aan die wagen terug gedacht op het sterfbed. Want die wagen had betekenis, daar hing een verhaal aan van een stoffige, oude schuur, een excentrieke eigenaar met een snor, en iets met de oorlog. En jij hebt daar in mogen rijden, en je hebt hem kunnen doorgeven aan je kleinkind dat er liefdevol mee om zal gaan omwille van alle warme persoonlijke herinneringen en het verhaal rond de wagen.

Humanistische of transcendente waarden gaan over het vinden van betekenis. Over betekenis geven aan het leven. De wortels ervan liggen in duidelijke waarden en een hoger doel dat je overstijgt (Petriglieri et al, 2017).  Vele mensen zijn hier naar op zoek in hun privé leven. Met de vakantie voor de deur zullen weer veel mensen zich existentiële vragen stellen over hoe ze de zin en betekenis ook terug in hun werk krijgen. Hoe ze, met andere woorden, de scheiding tussen het verlichtings- en romantisch denken (terug naar de natuur, gevoel) kunnen opheffen in de werkomgeving (cf. Charles Taylor). Een klant vertelde me dat hij dat probeert, door bewust niet meer in maatpak naar het werk te gaan maar in een spijkerbroek, ook al is de klant een bank.

Vele organisaties hebben dit ook begrepen en proberen hun waarden en betekenis te definiëren. Het motief is soms instrumenteel, maar even vaak authentiek. Vraag maar eens aan CEO’s waar ze het meest trots op zijn in termen van hun nalatenschap. Vaak krijg je geen antwoord in termen van cijfers en groei, maar bijvoorbeeld een verhaal over een schilderij dat ze in de ontvangsthal hebben laten hangen. Want dat is waar de echte worsteling in zit: hoe verbind je die betekenis en waarden aan de huidige instrumentele processen en structuren, die ook veel waarde creëren maar ook iets kapot maken? Voor je het weet begint het opeens te schuren. Dan gaat wat vloeide opeens stollen en eindigen betekenis en waarden weer in instrumenteel afvinkgedrag.

Veel leidinggevenden zijn vandaag zoekende naar hoe het anders kan. Hoe kan ik binnen het instrumentele kader, een betekenisvolle stap vooruit zetten? Hoe kan ik voor mezelf en voor de mensen in de organisatie betekenis toevoegen?

Bij Sioo maken we met schoonheid en precisie bewust ruimte voor mensen die dit willen onderzoeken. Zodat zij op hun beurt met schoonheid en precisie kunnen bijdragen aan de verdere ontwikkeling van zichzelf, hun organisatie en de maatschappij. Sioo, hoe anders.