Mail ons

Overzicht

No more bullshit... verslag van de masterclass met Harry Starren

Blogpost 30 Mar 2022

“Je ziet meer in de omweg dan in de rechte lijn’. “In het terzijde en niet ter zake doende, zit de vernieuwing”. Twee uitspraken van Harry Starren die ook van toepassing waren op zijn masterclass, ‘Het is niet langer de tijd om neutraal te blijven’. In de omwegen en terzijdes en het ogenschijnlijk niet ter zake doende zaten deze ochtend de relevante boodschappen. Boodschappen voor ons als veranderaars, adviseurs, managers  en vooral als individu.

De wet van beleidsaccumulatie

De ochtend begon met een eerbetoon aan Roel in ’t Veld, een van Harry’s leermeesters voor wie hij ooit bang was. Zo zie je maar weer. Iedereen heeft leermeesters voor wie hij of zij een bepaalde periode bang is. Roel zou deze masterclass in eerste instantie verzorgen, maar kon wegens ziekte helaas niet aanwezig zijn. Harry haalde Roels wet van de beleidsaccumulatie aan. Eén van de lessen die ik destijds in Sioo’s BMC ook van Roel leerde en een van de eerste systemische patronen  waar ik mee kennis maakte. Hoe gaat die wet? We zien hem nog steeds dagelijks in werking. De overheid maakt beleid. En als dat slaagt, maken ze meer beleid. En als het niet slaagt, maken ze ook meer beleid. Zo wordt elke wet een ondoordringbaar opeengestapeld woud van regels en uitzonderingen op die regels. Vooral degenen die in uitvoeringspraktijken werken worden hier dagelijkse mee geconfronteerd. De ingewikkeldheid groeit, er is niemand meer die het geheel overziet en de interventies worden steeds onvoorspelbaarder. En wat goed bedoeld is op de korte termijn werkt contraproductief op de langere termijn.

Effectiviteit en efficiëntie

Eén van de  fenomenen van deze tijd is ook de enorm doorgeschoten drang naar efficiëntie. Doelmatigheid. Het zijn onder andere de adviesbureaus die die ‘obsessie’ hebben aangewakkerd. Dat had ook te maken met het tijdsgewricht van toen. De periode van wederopbouw, waarin het in de industrie en in de kantoren zaak was om de productiviteit te vergroten. Adviseurs droegen er onder andere met tijdstudies aan bij dat de laatste druppel uit de resources, ook de menselijke, geperst konden worden. De effectiviteit, de doeltreffendheid, stond minder in de belangstelling. Dat ontstond meer in de periode waarin kwaliteit als thema opkwam. Door het werken met Deming-cirkels kwamen effectiviteit, efficiëntie en vermenselijking samen.

Waar houden we ons mee bezig – deel 1

Maar, we zijn in een ander tijdsgewricht gekomen en de toegevoegde waarde van het materiële is aan het afnemen. We zijn in een service-economie terecht gekomen. We werken nog steeds. De ooit door Marx voorspelde periode dat we slechts 3 dagen hoeven te werken is (nog) niet aangebroken. Deze constatering is ook het punt waar het ook een beetje ongemakkelijk begint te voelen. En dat is de vraag: waar houden we ons mee bezig? Harry die deze ochtend regelmatig zijn vader in zijn betoog opvoert, zegt dat zijn vader de wijze waarop wij onze dagen vullen nooit als werken zou beschouwen. Het antwoord is duidelijk: we houden ons bezig met bullshitjobs, een term van David Graeber, of met bullshit in onze jobs. We praten over werk, we houden elkaar bezig. We komen moe thuis, niet door wat er bereikt is maar door wat er (nog) niet bereikt is. We coördineren en stemmen af. En met al dat gecoördineer en afstemmen weten we het werk eindeloos uit te stellen. En trouwens, het is altijd de ander die het onmogelijk maakt om voortgang te boeken. Daar zijn we het roerend over eens, maar we zijn dus ook allemaal iemands anders ander!

En als ik nu voor het verslag van deze masterclass het verhaal even rond probeer te maken; we zijn inmiddels niet langer niet-efficiënt en niet-effectief aan het werk. Is dat zo? Kijk om je heen zegt Harry, wat zie je dan? De situatie in Groningen, waar een kleine groep deskundigen inmiddels veel geld heeft verdiend maar de bewoners nog bij lange na niet geholpen zijn. De toeslagenaffaire waar het ook maar niet lukt om de getroffen gezinnen op de juiste wijze te compenseren, maar waar de dossiers per gezin wel dikker en dikker worden.

Waar houden we ons mee bezig – deel 2

De belofte dat de samenleving beter wordt, wordt alsmaar niet ingelost. Dat maakt dat we op een vulkaan van teleurstellingen leven en de onvrede breed verspreid is in de samenleving. Maar waarmee hebben wij ons in de afgelopen tijd dan zoal bezig gehouden?  Deel 1 van het antwoord was dus: met bullshit-taken. Deel 2 van het antwoord dat Harry voor ons geeft is: met persoonlijke ontwikkeling. Ontwikkeling om steeds beter voorbereid te zijn op dat wat mogelijk komen gaat. Met ik dus, in plaats van met wij. De opgaves zitten in de samenleving, en niet in onszelf!

Zonder PowerPoint of andere media komt in het betoog een Buster Keaton-scène tot leven. Een scène waar hij achter een trein staat, die een duwtje geeft, de trein gaat rollen. Buster tevreden, maar dan rent íe zich te pletter om de trein bij te houden. Het illustreert hoe we op ‘ik’ gefocust zijn en niet in verbinding met de ‘wij-vraagstukken’ zijn.

Hoe nu verder?

Maar wat is nu de oplossing om hier weer uit te komen? Geen grand design of helder stappenplan. Maar terug naar je innerlijke drijfveer die een leidend kompas is voor je persoonlijke hogere doelen. Die raakt aan wat jou echt bezig houdt. De aanzetten die daarvoor nodig zijn komen in de “vooruitkijk-evaluatie” die we voor de pauze doen al aan de orde. Zoals:

  • De vraag kunnen beantwoorden: waar houd ik me nu eigenlijk echt mee bezig? Want alles is relatief. ‘Ik denk dat ik waarde toevoeg, maar is dat nu wel echt zo?’ zegt één van de aanwezigen.
  • ‘Er is iets wakker geworden waardoor ik met skin in the game in mijn werk kan staan, verbinding kan maken met de pijn van de ander.’

Daarbij maken we ook nog even een paar uitstapjes. Alleen datgene doen waar je gelukkig van wordt is belangrijk. Tijd is een schaars goed. En eigenlijk maken we een slechte deal, we ruilen onze kostbare tijd voor geld. Dus kies en stop met wat je niet gelukkig maakt, is de oproep van Harry die een reactie van een van de deelnemers ontlokt: ‘Tja dat is wel leuk, maar vooral ook heel elitair, want dat kan een ouder uit de toeslagenaffaire niet zomaar’.
– ‘Nee, die kan dat niet, maar omdat die het niet kan hoeft dat niet te betekent dat jij het niet wel kunt doen als je dat wenselijk vindt en als het mogelijk is. Zou het zelf misschien niet zo kunnen zijn dat je niks voor die ouder kunt betekenen als je zelf niet hebt weten uit te breken uit je persoonlijke gevangenis?’

In het echte leven staan en de pijn van de ander voelen, lukt niet met managementboeken. Het lezen van poëzie en romans helpt dan, daar word je een completer mens van omdat literatuur op een intuïtieve manier de wereld omvat zodat je erin kunt stappen. Lezen versterkt het vermogen tot empathie.

Verhalen, woorden hebben betekenis

Na de pauze deelt één van de deelnemers als boodschap uit de ochtend: ‘Pas op met de verhalen die je vertelt.’ Een mooie brug. Het slaat terug op een stukje uit het eerdere betoog over het doorgeschoten postmodernisme. Het postmodernisme volgt als stroming op de tijd waarin de contingentietheorie dominant was. In de contingentietheorie is het axioma dat er niet één beste manier is om bijvoorbeeld te organiseren, leiding te geven, etc. Het hangt er maar van af en niet elke manier is altijd even effectief. En waar dat dan van afhing was deels gebaseerd op feiten. Maar nu leven we in een tijd waarin alle meningen feiten zijn geworden. Een doorgeschoten versie van het postmodernisme waarin betekenisgeving en sociaal-construeren dominant was. ‘De werkelijkheid bestaat niet’ is het axioma van het postmodernisme. En daarmee bedoelen ze dat ik situaties anders kan ervaren dan jij. Het oordeel of het een goede of een slechte bijeenkomst was is niet door een persoon te geven. Maar ook Nietzsche schijnt al gezegd te hebben: er zijn geen feiten alleen interpretaties, maar…. niet alle interpretaties zijn even waardevol.

Het tweede deel van de masterclass begint echter met persoonlijke verhalen, die altijd subjectief zijn. Verhalen over een gebeurtenis uit onze jeugd die maakt dat we nu op een bepaalde manier in het leven staan. En het betekenisvolle  in die verhalen zit voor de ander in ogenschijnlijk onbelangrijke details. Wat doet het ertoe dat de fiets die je als kind zo graag  voor je verjaardag wilde niet rood was maar blauw? Nou, voor het ene kind niets, maar voor het andere kind is het de drijfveer achter het belang in de rest van zijn/haar leven om echt en oprecht te luisteren naar anderen, ook naar de details.

Door zo’n verhaal op het spoor te komen, kom je bij je persoonlijke drijfveer. En als je die persoonlijke drijfveer verbindt met een maatschappelijk doel maakt dat dat je niet langer neutraal blijft. Er staat iets op het spel voor je wat er toe doet. Daarmee ga je activistisch adviseren, managen, werken, etc.. Niet uit boosheid, die veel anderen altijd lastig te handelen vinden, maar op basis van een gegrond en waarachtige persoonlijke overtuiging. Die weer anderen soms lastig te handelen vinden trouwens. Burgermoed tonen, daar waar het er toe doet. Niet langer verdoezelen en goedpraten uit angst voor de waarheid, iemands waarheid, maar je laten leiden door je persoonlijke leidende principes. Geen missverkiezingen die pleiten voor ‘world peace’, maar voor dat wat er voor jou toe doet.

En al is de macht erbij gebaat om het systeem in stand te houden, wees dan gewaarschuwd, maar laat je niet afschrikken.

Ontdek de volgende Sioo-masterclass met Erik van der Loo.

“Je ziet meer in de omweg dan in de rechte lijn’. “In het terzijde en niet ter zake doende, zit de vernieuwing”. Twee uitspraken van Harry Starren die ook van toepassing waren op zijn masterclass, ‘Het is niet langer de tijd om neutraal te blijven’. In de omwegen en terzijdes en het ogenschijnlijk niet ter zake doende zaten deze ochtend de relevante boodschappen. Boodschappen voor ons als veranderaars, adviseurs, managers  en vooral als individu.

De wet van beleidsaccumulatie

De ochtend begon met een eerbetoon aan Roel in ’t Veld, een van Harry’s leermeesters voor wie hij ooit bang was. Zo zie je maar weer. Iedereen heeft leermeesters voor wie hij of zij een bepaalde periode bang is. Roel zou deze masterclass in eerste instantie verzorgen, maar kon wegens ziekte helaas niet aanwezig zijn. Harry haalde Roels wet van de beleidsaccumulatie aan. Eén van de lessen die ik destijds in Sioo’s BMC ook van Roel leerde en een van de eerste systemische patronen  waar ik mee kennis maakte. Hoe gaat die wet? We zien hem nog steeds dagelijks in werking. De overheid maakt beleid. En als dat slaagt, maken ze meer beleid. En als het niet slaagt, maken ze ook meer beleid. Zo wordt elke wet een ondoordringbaar opeengestapeld woud van regels en uitzonderingen op die regels. Vooral degenen die in uitvoeringspraktijken werken worden hier dagelijkse mee geconfronteerd. De ingewikkeldheid groeit, er is niemand meer die het geheel overziet en de interventies worden steeds onvoorspelbaarder. En wat goed bedoeld is op de korte termijn werkt contraproductief op de langere termijn.

Effectiviteit en efficiëntie

Eén van de  fenomenen van deze tijd is ook de enorm doorgeschoten drang naar efficiëntie. Doelmatigheid. Het zijn onder andere de adviesbureaus die die ‘obsessie’ hebben aangewakkerd. Dat had ook te maken met het tijdsgewricht van toen. De periode van wederopbouw, waarin het in de industrie en in de kantoren zaak was om de productiviteit te vergroten. Adviseurs droegen er onder andere met tijdstudies aan bij dat de laatste druppel uit de resources, ook de menselijke, geperst konden worden. De effectiviteit, de doeltreffendheid, stond minder in de belangstelling. Dat ontstond meer in de periode waarin kwaliteit als thema opkwam. Door het werken met Deming-cirkels kwamen effectiviteit, efficiëntie en vermenselijking samen.

Waar houden we ons mee bezig – deel 1

Maar, we zijn in een ander tijdsgewricht gekomen en de toegevoegde waarde van het materiële is aan het afnemen. We zijn in een service-economie terecht gekomen. We werken nog steeds. De ooit door Marx voorspelde periode dat we slechts 3 dagen hoeven te werken is (nog) niet aangebroken. Deze constatering is ook het punt waar het ook een beetje ongemakkelijk begint te voelen. En dat is de vraag: waar houden we ons mee bezig? Harry die deze ochtend regelmatig zijn vader in zijn betoog opvoert, zegt dat zijn vader de wijze waarop wij onze dagen vullen nooit als werken zou beschouwen. Het antwoord is duidelijk: we houden ons bezig met bullshitjobs, een term van David Graeber, of met bullshit in onze jobs. We praten over werk, we houden elkaar bezig. We komen moe thuis, niet door wat er bereikt is maar door wat er (nog) niet bereikt is. We coördineren en stemmen af. En met al dat gecoördineer en afstemmen weten we het werk eindeloos uit te stellen. En trouwens, het is altijd de ander die het onmogelijk maakt om voortgang te boeken. Daar zijn we het roerend over eens, maar we zijn dus ook allemaal iemands anders ander!

En als ik nu voor het verslag van deze masterclass het verhaal even rond probeer te maken; we zijn inmiddels niet langer niet-efficiënt en niet-effectief aan het werk. Is dat zo? Kijk om je heen zegt Harry, wat zie je dan? De situatie in Groningen, waar een kleine groep deskundigen inmiddels veel geld heeft verdiend maar de bewoners nog bij lange na niet geholpen zijn. De toeslagenaffaire waar het ook maar niet lukt om de getroffen gezinnen op de juiste wijze te compenseren, maar waar de dossiers per gezin wel dikker en dikker worden.

Waar houden we ons mee bezig – deel 2

De belofte dat de samenleving beter wordt, wordt alsmaar niet ingelost. Dat maakt dat we op een vulkaan van teleurstellingen leven en de onvrede breed verspreid is in de samenleving. Maar waarmee hebben wij ons in de afgelopen tijd dan zoal bezig gehouden?  Deel 1 van het antwoord was dus: met bullshit-taken. Deel 2 van het antwoord dat Harry voor ons geeft is: met persoonlijke ontwikkeling. Ontwikkeling om steeds beter voorbereid te zijn op dat wat mogelijk komen gaat. Met ik dus, in plaats van met wij. De opgaves zitten in de samenleving, en niet in onszelf!

Zonder PowerPoint of andere media komt in het betoog een Buster Keaton-scène tot leven. Een scène waar hij achter een trein staat, die een duwtje geeft, de trein gaat rollen. Buster tevreden, maar dan rent íe zich te pletter om de trein bij te houden. Het illustreert hoe we op ‘ik’ gefocust zijn en niet in verbinding met de ‘wij-vraagstukken’ zijn.

Hoe nu verder?

Maar wat is nu de oplossing om hier weer uit te komen? Geen grand design of helder stappenplan. Maar terug naar je innerlijke drijfveer die een leidend kompas is voor je persoonlijke hogere doelen. Die raakt aan wat jou echt bezig houdt. De aanzetten die daarvoor nodig zijn komen in de “vooruitkijk-evaluatie” die we voor de pauze doen al aan de orde. Zoals:

  • De vraag kunnen beantwoorden: waar houd ik me nu eigenlijk echt mee bezig? Want alles is relatief. ‘Ik denk dat ik waarde toevoeg, maar is dat nu wel echt zo?’ zegt één van de aanwezigen.
  • ‘Er is iets wakker geworden waardoor ik met skin in the game in mijn werk kan staan, verbinding kan maken met de pijn van de ander.’

Daarbij maken we ook nog even een paar uitstapjes. Alleen datgene doen waar je gelukkig van wordt is belangrijk. Tijd is een schaars goed. En eigenlijk maken we een slechte deal, we ruilen onze kostbare tijd voor geld. Dus kies en stop met wat je niet gelukkig maakt, is de oproep van Harry die een reactie van een van de deelnemers ontlokt: ‘Tja dat is wel leuk, maar vooral ook heel elitair, want dat kan een ouder uit de toeslagenaffaire niet zomaar’.
– ‘Nee, die kan dat niet, maar omdat die het niet kan hoeft dat niet te betekent dat jij het niet wel kunt doen als je dat wenselijk vindt en als het mogelijk is. Zou het zelf misschien niet zo kunnen zijn dat je niks voor die ouder kunt betekenen als je zelf niet hebt weten uit te breken uit je persoonlijke gevangenis?’

In het echte leven staan en de pijn van de ander voelen, lukt niet met managementboeken. Het lezen van poëzie en romans helpt dan, daar word je een completer mens van omdat literatuur op een intuïtieve manier de wereld omvat zodat je erin kunt stappen. Lezen versterkt het vermogen tot empathie.

Verhalen, woorden hebben betekenis

Na de pauze deelt één van de deelnemers als boodschap uit de ochtend: ‘Pas op met de verhalen die je vertelt.’ Een mooie brug. Het slaat terug op een stukje uit het eerdere betoog over het doorgeschoten postmodernisme. Het postmodernisme volgt als stroming op de tijd waarin de contingentietheorie dominant was. In de contingentietheorie is het axioma dat er niet één beste manier is om bijvoorbeeld te organiseren, leiding te geven, etc. Het hangt er maar van af en niet elke manier is altijd even effectief. En waar dat dan van afhing was deels gebaseerd op feiten. Maar nu leven we in een tijd waarin alle meningen feiten zijn geworden. Een doorgeschoten versie van het postmodernisme waarin betekenisgeving en sociaal-construeren dominant was. ‘De werkelijkheid bestaat niet’ is het axioma van het postmodernisme. En daarmee bedoelen ze dat ik situaties anders kan ervaren dan jij. Het oordeel of het een goede of een slechte bijeenkomst was is niet door een persoon te geven. Maar ook Nietzsche schijnt al gezegd te hebben: er zijn geen feiten alleen interpretaties, maar…. niet alle interpretaties zijn even waardevol.

Het tweede deel van de masterclass begint echter met persoonlijke verhalen, die altijd subjectief zijn. Verhalen over een gebeurtenis uit onze jeugd die maakt dat we nu op een bepaalde manier in het leven staan. En het betekenisvolle  in die verhalen zit voor de ander in ogenschijnlijk onbelangrijke details. Wat doet het ertoe dat de fiets die je als kind zo graag  voor je verjaardag wilde niet rood was maar blauw? Nou, voor het ene kind niets, maar voor het andere kind is het de drijfveer achter het belang in de rest van zijn/haar leven om echt en oprecht te luisteren naar anderen, ook naar de details.

Door zo’n verhaal op het spoor te komen, kom je bij je persoonlijke drijfveer. En als je die persoonlijke drijfveer verbindt met een maatschappelijk doel maakt dat dat je niet langer neutraal blijft. Er staat iets op het spel voor je wat er toe doet. Daarmee ga je activistisch adviseren, managen, werken, etc.. Niet uit boosheid, die veel anderen altijd lastig te handelen vinden, maar op basis van een gegrond en waarachtige persoonlijke overtuiging. Die weer anderen soms lastig te handelen vinden trouwens. Burgermoed tonen, daar waar het er toe doet. Niet langer verdoezelen en goedpraten uit angst voor de waarheid, iemands waarheid, maar je laten leiden door je persoonlijke leidende principes. Geen missverkiezingen die pleiten voor ‘world peace’, maar voor dat wat er voor jou toe doet.

En al is de macht erbij gebaat om het systeem in stand te houden, wees dan gewaarschuwd, maar laat je niet afschrikken.

Ontdek de volgende Sioo-masterclass met Erik van der Loo.