Mail ons

Overzicht

Persoonlijk leiderschap: een ‘holding space’ voor jezelf en anderen creëren

Blogpost 6 Jul 2020

In zowel coachings- als leiderschapsliteratuur komen we steeds vaker het begrip ‘holding space’ tegen. Een abstract en wat vaag begrip. Waar gaat dat nu eigenlijk over? ‘Holding space’ werd zo’n tien jaar geleden door Heather Plett benoemd en uitgelegd als “liefdevolle ruimte openhouden voor groei en ontwikkeling”. Het betekent dat je zodanig naast iemand kunt staan dat de ander zich veilig genoeg voelt om kwetsbaar te zijn: “I hold space for you to be you”. Tegenwoordig is ‘holding space’ een begrip dat ook wordt gekoppeld aan leiderschap. En terecht. Zonder ‘veilige ruimte’ geen plek om je persoonlijk en professioneel te ontwikkelen – voor jezelf niet maar niet ook voor anderen.

Naast het bepalen van de richting en het bieden van bescherming tegen extern gevaar is een derde basale leiderschapsopdracht (Heifetz, 1994): het organiseren (en waar nodig herstellen) van de orde. Het begrip ‘holding space’ refereert daaraan. Kan je als leider de spanningen in de groep opvangen en ruimte bieden voor anderen om (emoties) te onderzoeken, te leren en te groeien met elkaar? En kan de leider een rol spelen in het duiden van wat er aan de hand is, zonder te oordelen of te veroordelen? Anders verwoord: kan de leider de ‘ruimte dragen’ die nodig is voor ontwikkeling en groei?

Leider

Leiderschap wordt in deze context niet per definitie verbonden aan leidinggevende rollen. Voor succes en voldoening in elke rol vormt (persoonlijk) leiderschap de basis: wat krijg je voor elkaar, wat claim je en wat word je gegund? Hierin wordt leiderschap beschouwd als een sociale relatie. Met leidinggeven komen daar formele sturingsmogelijkheden bij. Leidinggeven wordt hierbij beschouwd als een formele relatie.

Het creëren van een veilige ruimte vraagt van een ieder die persoonlijk leiderschap wil opnemen om een open houding, zonder oordeel of advies. Het vraagt om het aan durven gaan van spannende situaties en het leren vertrouwen op het proces zonder dat je van te voren weet hoe dat zal gaan uitpakken. Dit lijkt te conflicteren met de twee andere basale leiderschapsopdrachten. Daarin zijn ‘weten’, ‘bepalen’, ‘organiseren’ en waar nodig ‘opeisen’ belangrijke ingrediënten voor de leider. De leider moet echter ook orde en veiligheid bieden en heeft zelf het draagvlak en de support nodig van de anderen. Deze wederkerigheid vraagt van de leider iets totaal anders: de leider moet het ‘niet-weten’ leren omarmen.

Wat is dat het ‘niet-weten’? Het zijn die momenten waarin de leider zichzelf toestaat om niet direct te begrijpen wat er speelt, om juist niet in te grijpen maar te ervaren en te voelen wat er in het ‘hier en nu‘ is. Daarbij moet de leider het kunnen verduren dat het ongemakkelijk kan zijn, moet deze kunnen vertragen door aandacht te schenken aan wat er is en tevens durven te vertrouwen op het proces. Dit laatste gaat over het vertrouwen hebben dat er een keerpunt komt als de leider er ruimte voor maakt, zonder dat hij van te voren weet hoe en wanneer. Geen gemakkelijke opgave.

Een belangrijke basishouding

Het ‘niet-weten’ vraagt om de wil en de moed om ‘holding space’ te willen bieden en daarnaast ook om het aanleren van nieuwe vaardigheden. Veel van wat wij als onze eerste natuur ervaren (reageren, sturen, oplossen, ons gelijk halen) moeten we leren opzij te zetten. Daarvoor in de plaats komt:

  • niet meer het uiten van onze eigen ideeën maar het stellen van vragen
  • niet meer het opvullen van stiltes maar het verdragen ervan
  • niet meer ons eigen gelijk halen maar het omarmen van verschil
  • niet meer alleen gericht zijn de harmonie maar juist de spanning durven opzoeken en laten bestaan
  • niet meer emoties bedekken en of wegnemen maar lastige emoties bij jezelf en de ander laten bestaan en tegemoet te treden
  • niet meer zelf de volledige controle hebben maar juist vertrouwen op het proces en in elkaar voor de volgende stap

Jitske Kramer en Danielle Braun noemen dit in hun boek ‘Building Tribes’ (2018): “Holding space is niet bang zijn voor conflict en chaos.”

Het gaat bij ‘holding space’ dan ook om een basishouding waarmee de leider wezenlijk contact maakt met zichzelf en met anderen. Een houding waarin de leider het ‘echte’, verdiepende gesprek aangaat, zelf ook kwetsbaar durft te zijn en lastige zaken bespreekbaar durft te maken. Het gaat over begrenzing (wat is van mij, wat van jou, wat van ons allemaal?), de aandacht bij de ander houden, het eigen oordeel uitstellen, het luisteren met compassie, het zorgen voor ‘containment’ en het niet willen oplossen voor de ander. Brené Brown (2013) noemt de basis voor deze houding de ontwikkeling (of switch) van sympathie naar echte empathie.

Reflectie en zelfonderzoek

Waar en hoe kunnen leiders die basishouding leren? Het antwoord is zowel simpel als complex: bij zichzelf. Goed, de vaardigheden van het stellen van goede vragen, het bespreekbaar maken van de onderstroom, het faciliteren van groepsprocessen, dat alles kan worden (aan)geleerd. Maar de onderliggende houding, waarin vooral ook de eigen thema’s worden herkend, onderkend, geaccepteerd en waar nodig aangepakt, kan alleen worden geleerd doordat leiders ook voor zichzelf een ‘holding space’ creëren. Hoe veilig is het namelijk om bij zichzelf te komen? Met hoeveel zelfcompassie durft de leider de eigen tegenstrijdige en met elkaar conflicterende gedachtes, behoeftes, angsten en defensieve patronen te leren zien en te onderzoeken? Dat vraagt om veel ‘holding space’ voor en met zichzelf en het leren onderzoeken van de eigen schaduwzijdes.

Moeten alle leiders nu massaal in therapie om zichzelf te leren “omarmen”? Nee zeker niet. Wel begint (persoonlijk) leiderschap met de zinsnede: ken uzelf. Door regelmatig tijd en ruimte te maken voor reflectie en zelfonderzoek wordt de basis van het eigen persoonlijke leiderschap steeds scherper en steviger.

Hoe kunnen leiders hier stappen in zetten? Door bewust aandacht te besteden aan de eigen herkomst, het beschouwen en bespreken van de eigen geschiedenis (biografie) en door het in gesprek gaan met anderen over wat men heeft gevormd en wat hen raakt – worden patronen, thema’s en defensieve gedragingen helderder. Hierdoor wordt steeds duidelijker waar eigen kwetsbaarheden en onzekerheden liggen en tevens waar kracht, lef en overtuigingen vandaan komen. Wanneer de leider dit alles bij zichzelf kan omarmen zonder zaken te willen wegpoetsen of verdoezelen is de basishouding voor het creëren van een ‘holding space’ een feit. Het moge duidelijk zijn dat dit een ‘ongoing leerproces‘ dat nooit af zal zijn.

Start van een ‘never ending story’

Wanneer de leider vervolgens zichzelf verder gaat uitdagen door te experimenteren met andere rollen, andere gedragingen en tevens door in andere contexten te stappen (en daar weer over te reflecteren) – verstevigt hij zijn eigen fundament en ontwikkelt zich steeds verder. Dit proces vraagt wel van een leider dat hij bereid is om ook voor zichzelf liefdevol ruimte te creëren om te kunnen groeien en zich te ontwikkelen.

Ben je geïnteresseerd om ‘holding space’ te ontwikkelen voor jezelf en anderen en daarmee je eigen leiderschap te versterken? Sioo’s Summerschool Leiderschap biedt ruime mogelijkheden om zowel je persoonlijk leiderschap te onderzoeken en te versterken alsmede het leiderschap van anderen in jouw organisatie. Als leermanager vind ik het alvast ongelofelijk inspirerend om deelnemers hierin bij te staan.

Is er een betere tijd denkbaar om eind deze zomer even uit te zoomen en te onderzoeken hoe jij straks verder wil gaan?

Ontdek de Summerschool Leiderschap

In zowel coachings- als leiderschapsliteratuur komen we steeds vaker het begrip ‘holding space’ tegen. Een abstract en wat vaag begrip. Waar gaat dat nu eigenlijk over? ‘Holding space’ werd zo’n tien jaar geleden door Heather Plett benoemd en uitgelegd als “liefdevolle ruimte openhouden voor groei en ontwikkeling”. Het betekent dat je zodanig naast iemand kunt staan dat de ander zich veilig genoeg voelt om kwetsbaar te zijn: “I hold space for you to be you”. Tegenwoordig is ‘holding space’ een begrip dat ook wordt gekoppeld aan leiderschap. En terecht. Zonder ‘veilige ruimte’ geen plek om je persoonlijk en professioneel te ontwikkelen – voor jezelf niet maar niet ook voor anderen.

Naast het bepalen van de richting en het bieden van bescherming tegen extern gevaar is een derde basale leiderschapsopdracht (Heifetz, 1994): het organiseren (en waar nodig herstellen) van de orde. Het begrip ‘holding space’ refereert daaraan. Kan je als leider de spanningen in de groep opvangen en ruimte bieden voor anderen om (emoties) te onderzoeken, te leren en te groeien met elkaar? En kan de leider een rol spelen in het duiden van wat er aan de hand is, zonder te oordelen of te veroordelen? Anders verwoord: kan de leider de ‘ruimte dragen’ die nodig is voor ontwikkeling en groei?

Leider

Leiderschap wordt in deze context niet per definitie verbonden aan leidinggevende rollen. Voor succes en voldoening in elke rol vormt (persoonlijk) leiderschap de basis: wat krijg je voor elkaar, wat claim je en wat word je gegund? Hierin wordt leiderschap beschouwd als een sociale relatie. Met leidinggeven komen daar formele sturingsmogelijkheden bij. Leidinggeven wordt hierbij beschouwd als een formele relatie.

Het creëren van een veilige ruimte vraagt van een ieder die persoonlijk leiderschap wil opnemen om een open houding, zonder oordeel of advies. Het vraagt om het aan durven gaan van spannende situaties en het leren vertrouwen op het proces zonder dat je van te voren weet hoe dat zal gaan uitpakken. Dit lijkt te conflicteren met de twee andere basale leiderschapsopdrachten. Daarin zijn ‘weten’, ‘bepalen’, ‘organiseren’ en waar nodig ‘opeisen’ belangrijke ingrediënten voor de leider. De leider moet echter ook orde en veiligheid bieden en heeft zelf het draagvlak en de support nodig van de anderen. Deze wederkerigheid vraagt van de leider iets totaal anders: de leider moet het ‘niet-weten’ leren omarmen.

Wat is dat het ‘niet-weten’? Het zijn die momenten waarin de leider zichzelf toestaat om niet direct te begrijpen wat er speelt, om juist niet in te grijpen maar te ervaren en te voelen wat er in het ‘hier en nu‘ is. Daarbij moet de leider het kunnen verduren dat het ongemakkelijk kan zijn, moet deze kunnen vertragen door aandacht te schenken aan wat er is en tevens durven te vertrouwen op het proces. Dit laatste gaat over het vertrouwen hebben dat er een keerpunt komt als de leider er ruimte voor maakt, zonder dat hij van te voren weet hoe en wanneer. Geen gemakkelijke opgave.

Een belangrijke basishouding

Het ‘niet-weten’ vraagt om de wil en de moed om ‘holding space’ te willen bieden en daarnaast ook om het aanleren van nieuwe vaardigheden. Veel van wat wij als onze eerste natuur ervaren (reageren, sturen, oplossen, ons gelijk halen) moeten we leren opzij te zetten. Daarvoor in de plaats komt:

  • niet meer het uiten van onze eigen ideeën maar het stellen van vragen
  • niet meer het opvullen van stiltes maar het verdragen ervan
  • niet meer ons eigen gelijk halen maar het omarmen van verschil
  • niet meer alleen gericht zijn de harmonie maar juist de spanning durven opzoeken en laten bestaan
  • niet meer emoties bedekken en of wegnemen maar lastige emoties bij jezelf en de ander laten bestaan en tegemoet te treden
  • niet meer zelf de volledige controle hebben maar juist vertrouwen op het proces en in elkaar voor de volgende stap

Jitske Kramer en Danielle Braun noemen dit in hun boek ‘Building Tribes’ (2018): “Holding space is niet bang zijn voor conflict en chaos.”

Het gaat bij ‘holding space’ dan ook om een basishouding waarmee de leider wezenlijk contact maakt met zichzelf en met anderen. Een houding waarin de leider het ‘echte’, verdiepende gesprek aangaat, zelf ook kwetsbaar durft te zijn en lastige zaken bespreekbaar durft te maken. Het gaat over begrenzing (wat is van mij, wat van jou, wat van ons allemaal?), de aandacht bij de ander houden, het eigen oordeel uitstellen, het luisteren met compassie, het zorgen voor ‘containment’ en het niet willen oplossen voor de ander. Brené Brown (2013) noemt de basis voor deze houding de ontwikkeling (of switch) van sympathie naar echte empathie.

Reflectie en zelfonderzoek

Waar en hoe kunnen leiders die basishouding leren? Het antwoord is zowel simpel als complex: bij zichzelf. Goed, de vaardigheden van het stellen van goede vragen, het bespreekbaar maken van de onderstroom, het faciliteren van groepsprocessen, dat alles kan worden (aan)geleerd. Maar de onderliggende houding, waarin vooral ook de eigen thema’s worden herkend, onderkend, geaccepteerd en waar nodig aangepakt, kan alleen worden geleerd doordat leiders ook voor zichzelf een ‘holding space’ creëren. Hoe veilig is het namelijk om bij zichzelf te komen? Met hoeveel zelfcompassie durft de leider de eigen tegenstrijdige en met elkaar conflicterende gedachtes, behoeftes, angsten en defensieve patronen te leren zien en te onderzoeken? Dat vraagt om veel ‘holding space’ voor en met zichzelf en het leren onderzoeken van de eigen schaduwzijdes.

Moeten alle leiders nu massaal in therapie om zichzelf te leren “omarmen”? Nee zeker niet. Wel begint (persoonlijk) leiderschap met de zinsnede: ken uzelf. Door regelmatig tijd en ruimte te maken voor reflectie en zelfonderzoek wordt de basis van het eigen persoonlijke leiderschap steeds scherper en steviger.

Hoe kunnen leiders hier stappen in zetten? Door bewust aandacht te besteden aan de eigen herkomst, het beschouwen en bespreken van de eigen geschiedenis (biografie) en door het in gesprek gaan met anderen over wat men heeft gevormd en wat hen raakt – worden patronen, thema’s en defensieve gedragingen helderder. Hierdoor wordt steeds duidelijker waar eigen kwetsbaarheden en onzekerheden liggen en tevens waar kracht, lef en overtuigingen vandaan komen. Wanneer de leider dit alles bij zichzelf kan omarmen zonder zaken te willen wegpoetsen of verdoezelen is de basishouding voor het creëren van een ‘holding space’ een feit. Het moge duidelijk zijn dat dit een ‘ongoing leerproces‘ dat nooit af zal zijn.

Start van een ‘never ending story’

Wanneer de leider vervolgens zichzelf verder gaat uitdagen door te experimenteren met andere rollen, andere gedragingen en tevens door in andere contexten te stappen (en daar weer over te reflecteren) – verstevigt hij zijn eigen fundament en ontwikkelt zich steeds verder. Dit proces vraagt wel van een leider dat hij bereid is om ook voor zichzelf liefdevol ruimte te creëren om te kunnen groeien en zich te ontwikkelen.

Ben je geïnteresseerd om ‘holding space’ te ontwikkelen voor jezelf en anderen en daarmee je eigen leiderschap te versterken? Sioo’s Summerschool Leiderschap biedt ruime mogelijkheden om zowel je persoonlijk leiderschap te onderzoeken en te versterken alsmede het leiderschap van anderen in jouw organisatie. Als leermanager vind ik het alvast ongelofelijk inspirerend om deelnemers hierin bij te staan.

Is er een betere tijd denkbaar om eind deze zomer even uit te zoomen en te onderzoeken hoe jij straks verder wil gaan?

Ontdek de Summerschool Leiderschap