Mail ons

Overzicht

'Quick en clean', onderzoek zonder hoofdletter

Blogpost 13 Jun 2022

In de opdrachten die je als adviseur doet, doe je onderzoek. Daar heet het afhankelijk van je voorkeuren en stijl: diagnose of beeldvorming. Je bent aan het waarnemen, ordenen en oordelen om de vraag achter de vraag te pakken te krijgen, zicht te krijgen op wat er speelt, wat wel en niet werkt, de patronen en de dynamiek, de geschreven en ongeschreven regels en nog veel meer. Dat roept geen enkele angst op. Dat doe je gewoon, alleen, samen met collega’s en/of met stakeholders uit het klantsysteem.

Werken aan je eigen ontwikkeling

In ons professionaliseringsprogramma De Nieuwe Adviseur stellen we dat het verstandig is om als adviseur daarnaast eigenlijk altijd een eigen ‘onderzoeksspoor’ hebben lopen. Rond een vraagstuk of thema dat je bezighoudt, over iets waar je meer van wilt weten, waar je je in wilt verdiepen. Een vraagstuk of thema dat van belang is voor jouw professionele identiteit of waarmee je aan een nieuwe poot van je M-profiel bouwt. Een vraag of thema waarvoor je je eigen opdrachtgever bent. Het is in eerste instantie vooral voor jou van belang, want jij wilt het gebruiken om sturing en richting te blijven geven aan je eigen ontwikkeling.

Maar een vraag of een thema materialiseert niet zomaar in iets interessants. Daar is werk voor nodig en als we dan het woord onderzoek gebruiken begint iedereen wat te schuiven op zijn stoel. Onderzoek heeft bij veel adviseurs een wat beangstigende connotatie. Het wordt meteen ONDERZOEK, met hoofdletters. Het roept associaties op met ‘die docent’, met onderzoeksmethoden en statistiek. Herinneringen aan geploeter op scripties komen boven en nog veel meer. Termen als ‘wetenschappelijk’ vallen onmiddellijk. Maar aan een vraagstuk of thema werken in het kader van je professionele identiteit of om een nieuwe poot van je M-profiel op te bouwen, is echt iets anders dan promoveren en het daarvoor noodzakelijke onderzoek doen.

Onderzoekende adviseurs die doorgaand bezig zijn met het versterken van hun professionele identiteit en bouwen aan nieuwe poten van hun M-profiel doen “zomeronderzoek”. Zomeronderzoek kan ook in de winter, het voorjaar of de herfst. De benaming zomeronderzoek zegt meer iets over de aard van het onderzoek dan over de periode. Bij Sioo introduceerde Ard-Pieter de Man deze term. Adviseurs hebben of hadden, want volgens mij is het niet meer zo, het in de zomer vaak iets rustiger. Alle klanten zijn met vakantie en opdrachten liggen stil. Dus is er tijd om eindelijk dat artikel of die white paper te schrijven. En artikelen en papers vragen om onderzoek. Geen onderzoek om op te promoveren maar onderzoek om iets te verduidelijken of juist te problematiseren.

Zomeronderzoek

Zomeronderzoek is klein, snel, de zomer is immers ook zo weer voorbij en dan moet dat artikel er wel liggen. ‘Quick’ maar vooral niet ‘dirty’. ‘Quick en clean’ dus. Dat kan namelijk heel goed, en is niet eens lastig. En voor zomeronderzoek kan het, mag het, en sterker nog moet het quick en clean. Want als onderzoekende adviseur doe je het hele jaar door onderzoek.  Kleine onderzoekjes die op elkaar doorbouwen, elkaar aanvullen en wel ergens naar toe werken. Omdat het allemaal kleine onderzoekjes zijn, is het ook niet erg als er een dood spoor tussen zit, of even een ‘verkeerde’ afslag.

Een onderzoeksspoor, in beweging blijven

In de vorige paragraaf ging het over een onderzoeksspoor. Wat bedoelen we daarmee? Een spoor is een serie onderzoekjes. Als je het even opblaast zou je kunnen zeggen een onderzoeksplan. Maar in het kader van zomeronderzoek  voor je eigen ontwikkeling is het geen vaststaande routekaart. Het is meer zo dat je steeds een paar stappen vooruit probeert te denken. Als ik nu een survey doe, kan ik die opvolgen met een ronde tafel gesprek, over de uitkomsten van beide maak ik een kleine paper waar ik vooral ook in ga op de nieuwe vragen die de survey en de ronde tafel hebben opgeleverd en hoe ik die ga oppakken. Het is dus niet ‘onderzoekje gedaan klus geklaard’, het is ‘onderzoekje gedaan, volgende onderzoek’. Soms kan je voorzien wat de volgende stappen in je onderzoeksspoor kunnen zijn en soms zal het van de inzichten en uitkomsten afhangen. Dat vraagt dus ook een mindset waardoor je niet alleen oog hebt voor wat je te weten bent gekomen maar vooral ook voor de nieuwe vragen die dat weer oproept. Een onderzoeksspoor bestaat bij voorkeur uit een mix van kwantitatieve en kwalitatieve manieren van onderzoek doen.

De belangrijkste vorm van onderzoek die je vroeg in je leven leerde is spelen. Het spel. Zie onderzoeken als spelen. Speel het spel van het onderzoeken. Keri Smith zegt “Wees de ontdekker van de wereld”.

Quick en clean

Hoe doe je dan quick en clean onderzoek? In De Nieuwe Adviseur reiken we verschillende manieren aan om onderzoek te doen. Manieren in de stijl van zomeronderzoek. Quick zijn ze zeker maar of ze ook clean zijn bepaal jij. Maar dat is eigenlijk ook heel simpel. Daarbij helpt met name de volgende aanbeveling: ‘Wees transparant!’

Zomeronderzoek voldoet over het algemeen niet aan de eisen en regels van wetenschappelijk onderzoek als het gaat om zaken als om omvang van de populatie, de representativiteit daarvan, de volledigheid van je bronnenonderzoek of literatuurstudie, etc. Dat geeft allemaal niets, maar verdonkeremaan dat niet. Wees transparant over je methode en technieken, over aantallen respondenten/gesprekspartners, waar ze vandaan kwamen, etc. En benoem de beperkingen daarvan. Dat doet namelijk niks af aan het onderzoek, integendeel; het maakt het sterker.

Tips om te beginnen

  1. Formuleer een beknopte vraag met een duidelijke focus: Wat wil je (NU) weten, snappen, begrijpen, testen en valideren?
  2. Hold your horses!!! Ja, er zijn nog zes mooie vragen denkbaar, je kunt het opknippen in deelvragen, subvragen, … Maar doe het niet! Weet vooraf dat je een antwoord gaat vinden, maar dat dat per definitie meer vragen oproept dan je eerder al had. Ook bij een groots en meeslepend onderzoek.
  3. Bepaal hoeveel tijd je aan dit onderzoekje wilt en kunt besteden. En houd je daar aan!
  4. Kies je methode: wat past nu het beste bij deze vraag: en heb je zin in een ander soort onderzoek, pas dan zo nodig je vraag een beetje aan! Want het gaat ook om pendelen tussen kwalitatief en kwantitatief.
  5. Rond elk onderzoekje af met een onderzoeksproduct(je) met als afronding een nieuwe vraag.
  6. Houd focus én blijf open staan voor bijvangst.

Herken jij je in de ambitie om (jouw) thema’s in het vak verder te willen onderzoeken? Dit najaar gaat De Nieuwe Adviseur weer van start. Ontdek het programma!

In de opdrachten die je als adviseur doet, doe je onderzoek. Daar heet het afhankelijk van je voorkeuren en stijl: diagnose of beeldvorming. Je bent aan het waarnemen, ordenen en oordelen om de vraag achter de vraag te pakken te krijgen, zicht te krijgen op wat er speelt, wat wel en niet werkt, de patronen en de dynamiek, de geschreven en ongeschreven regels en nog veel meer. Dat roept geen enkele angst op. Dat doe je gewoon, alleen, samen met collega’s en/of met stakeholders uit het klantsysteem.

Werken aan je eigen ontwikkeling

In ons professionaliseringsprogramma De Nieuwe Adviseur stellen we dat het verstandig is om als adviseur daarnaast eigenlijk altijd een eigen ‘onderzoeksspoor’ hebben lopen. Rond een vraagstuk of thema dat je bezighoudt, over iets waar je meer van wilt weten, waar je je in wilt verdiepen. Een vraagstuk of thema dat van belang is voor jouw professionele identiteit of waarmee je aan een nieuwe poot van je M-profiel bouwt. Een vraag of thema waarvoor je je eigen opdrachtgever bent. Het is in eerste instantie vooral voor jou van belang, want jij wilt het gebruiken om sturing en richting te blijven geven aan je eigen ontwikkeling.

Maar een vraag of een thema materialiseert niet zomaar in iets interessants. Daar is werk voor nodig en als we dan het woord onderzoek gebruiken begint iedereen wat te schuiven op zijn stoel. Onderzoek heeft bij veel adviseurs een wat beangstigende connotatie. Het wordt meteen ONDERZOEK, met hoofdletters. Het roept associaties op met ‘die docent’, met onderzoeksmethoden en statistiek. Herinneringen aan geploeter op scripties komen boven en nog veel meer. Termen als ‘wetenschappelijk’ vallen onmiddellijk. Maar aan een vraagstuk of thema werken in het kader van je professionele identiteit of om een nieuwe poot van je M-profiel op te bouwen, is echt iets anders dan promoveren en het daarvoor noodzakelijke onderzoek doen.

Onderzoekende adviseurs die doorgaand bezig zijn met het versterken van hun professionele identiteit en bouwen aan nieuwe poten van hun M-profiel doen “zomeronderzoek”. Zomeronderzoek kan ook in de winter, het voorjaar of de herfst. De benaming zomeronderzoek zegt meer iets over de aard van het onderzoek dan over de periode. Bij Sioo introduceerde Ard-Pieter de Man deze term. Adviseurs hebben of hadden, want volgens mij is het niet meer zo, het in de zomer vaak iets rustiger. Alle klanten zijn met vakantie en opdrachten liggen stil. Dus is er tijd om eindelijk dat artikel of die white paper te schrijven. En artikelen en papers vragen om onderzoek. Geen onderzoek om op te promoveren maar onderzoek om iets te verduidelijken of juist te problematiseren.

Zomeronderzoek

Zomeronderzoek is klein, snel, de zomer is immers ook zo weer voorbij en dan moet dat artikel er wel liggen. ‘Quick’ maar vooral niet ‘dirty’. ‘Quick en clean’ dus. Dat kan namelijk heel goed, en is niet eens lastig. En voor zomeronderzoek kan het, mag het, en sterker nog moet het quick en clean. Want als onderzoekende adviseur doe je het hele jaar door onderzoek.  Kleine onderzoekjes die op elkaar doorbouwen, elkaar aanvullen en wel ergens naar toe werken. Omdat het allemaal kleine onderzoekjes zijn, is het ook niet erg als er een dood spoor tussen zit, of even een ‘verkeerde’ afslag.

Een onderzoeksspoor, in beweging blijven

In de vorige paragraaf ging het over een onderzoeksspoor. Wat bedoelen we daarmee? Een spoor is een serie onderzoekjes. Als je het even opblaast zou je kunnen zeggen een onderzoeksplan. Maar in het kader van zomeronderzoek  voor je eigen ontwikkeling is het geen vaststaande routekaart. Het is meer zo dat je steeds een paar stappen vooruit probeert te denken. Als ik nu een survey doe, kan ik die opvolgen met een ronde tafel gesprek, over de uitkomsten van beide maak ik een kleine paper waar ik vooral ook in ga op de nieuwe vragen die de survey en de ronde tafel hebben opgeleverd en hoe ik die ga oppakken. Het is dus niet ‘onderzoekje gedaan klus geklaard’, het is ‘onderzoekje gedaan, volgende onderzoek’. Soms kan je voorzien wat de volgende stappen in je onderzoeksspoor kunnen zijn en soms zal het van de inzichten en uitkomsten afhangen. Dat vraagt dus ook een mindset waardoor je niet alleen oog hebt voor wat je te weten bent gekomen maar vooral ook voor de nieuwe vragen die dat weer oproept. Een onderzoeksspoor bestaat bij voorkeur uit een mix van kwantitatieve en kwalitatieve manieren van onderzoek doen.

De belangrijkste vorm van onderzoek die je vroeg in je leven leerde is spelen. Het spel. Zie onderzoeken als spelen. Speel het spel van het onderzoeken. Keri Smith zegt “Wees de ontdekker van de wereld”.

Quick en clean

Hoe doe je dan quick en clean onderzoek? In De Nieuwe Adviseur reiken we verschillende manieren aan om onderzoek te doen. Manieren in de stijl van zomeronderzoek. Quick zijn ze zeker maar of ze ook clean zijn bepaal jij. Maar dat is eigenlijk ook heel simpel. Daarbij helpt met name de volgende aanbeveling: ‘Wees transparant!’

Zomeronderzoek voldoet over het algemeen niet aan de eisen en regels van wetenschappelijk onderzoek als het gaat om zaken als om omvang van de populatie, de representativiteit daarvan, de volledigheid van je bronnenonderzoek of literatuurstudie, etc. Dat geeft allemaal niets, maar verdonkeremaan dat niet. Wees transparant over je methode en technieken, over aantallen respondenten/gesprekspartners, waar ze vandaan kwamen, etc. En benoem de beperkingen daarvan. Dat doet namelijk niks af aan het onderzoek, integendeel; het maakt het sterker.

Tips om te beginnen

  1. Formuleer een beknopte vraag met een duidelijke focus: Wat wil je (NU) weten, snappen, begrijpen, testen en valideren?
  2. Hold your horses!!! Ja, er zijn nog zes mooie vragen denkbaar, je kunt het opknippen in deelvragen, subvragen, … Maar doe het niet! Weet vooraf dat je een antwoord gaat vinden, maar dat dat per definitie meer vragen oproept dan je eerder al had. Ook bij een groots en meeslepend onderzoek.
  3. Bepaal hoeveel tijd je aan dit onderzoekje wilt en kunt besteden. En houd je daar aan!
  4. Kies je methode: wat past nu het beste bij deze vraag: en heb je zin in een ander soort onderzoek, pas dan zo nodig je vraag een beetje aan! Want het gaat ook om pendelen tussen kwalitatief en kwantitatief.
  5. Rond elk onderzoekje af met een onderzoeksproduct(je) met als afronding een nieuwe vraag.
  6. Houd focus én blijf open staan voor bijvangst.

Herken jij je in de ambitie om (jouw) thema’s in het vak verder te willen onderzoeken? Dit najaar gaat De Nieuwe Adviseur weer van start. Ontdek het programma!