Mail ons

Overzicht

“We zijn versneld aan het leren dat gedrag wel degelijk te veranderen is”

Blogpost 13 May 2020

Per 1 januari 2018 werd prof. dr. Aukje Nauta benoemd tot hoogleraar ‘Enhancing individuals in a dynamic work context’ bij Universiteit Leiden. Deze leerstoel werd mede mogelijk gemaakt door Sioo, waarmee we willen investeren in de brug tussen wetenschap en praktijk op vlak van goed werkgeverschap. Nu, ruim twee jaar later, en in een context van ongeziene veranderingen gedreven door de Corona-crisis, gingen we bij haar luisteren hoe de invulling van de leerstoel vorm heeft gekregen en hoe zij de toekomst ziet.

In 2018 was Aukjes idee rond de leerstoel om een community, een Academische Werkplaats, op te richten waarin regelmatig een thema belicht zou worden, vanuit een wetenschapper en vanuit een praktijkbeoefenaar, om er vervolgens in discussies verder op in te gaan. Aukje: “Dat concept hebben we eigenlijk losgelaten. Ik ben nu vooral bezig met interventies in de praktijk, van waaruit dan theoretische inzichten groeien. Bij wetenschap werk je vanuit deductie: Je hebt een hypothese, die je gaat toetsen. Ik werk andersom, vanuit inductie: Ik ga aan de slag met problemen in een bedrijf en al doende leer je en bouw je een theorie. Soms is die theorie in overeenstemming met wat de wetenschap al weet, maar soms ontdek je heel nieuwe inzichten.”

Toegepaste wetenschap

Zo is ze bijvoorbeeld met het Betonhuis, een branchevereniging van bedrijven in de betonsector, gaan werken aan een bredere dialoog op de werkvloer over veilig en gezond werken. “Ik heb het dan over ‘fysiek gezond’, door het gebruik van mondkapjes en oordopjes, maar ook over ‘mentaal gezond’. In dit soort stoere bedrijven is dialoog hierover vaak nog ‘not done’. Een tiental bedrijven uit de sector wordt momenteel getraind om hen te helpen die dialoog beter en ook efficiënter te voeren. Mijn rol, die ik samen met mijn zakenpartner van Factor Vijf,  Cristel van de Ven, uitvoer, is om te zorgen dat wat men in de dialoogtraining leert, ook echt beklijft op de dagelijkse werkvloer. Wij brengen de bedrijven tussendoor bij elkaar in een Werkplaats, om informele leermomenten of experimenten te bedenken. Zoals gezegd, dat is geen zuivere wetenschap, maar eerder actieonderzoek.”

Het gaat om een mooie combinatie van actieonderzoek op drie niveaus. “Eerste-persoon actieonderzoek betekent dat deelnemers aan onze Werkplaats zelf direct leren hoe ze betere dialogen kunnen voeren. Tweede-persoon actieonderzoek houdt in dat de deelnemers het geleerde overbrengen naar het hele bedrijf en alle medewerkers. Derde-persoon actieonderzoek betekent dat alle opgedane praktijkkennis wordt verzameld, verspreid onder diverse bedrijven en gebundeld in een vakartikel. Dit is echt toegepaste wetenschap,” vertelt Aukje.

Wereldwijd experiment

Dit soort interventies en actieonderzoek werpen duidelijk hun vruchten af, maar de huidige pandemie heeft ook door Aukjes agenda een behoorlijke streep gezet. Toch is het niet allemaal kommer en kwel, wat Aukje betreft. “Eigenlijk zitten we met zijn allen noodgedwongen in een wereldwijd experiment, waarin we versneld leren wat je anders moet doen en hoe mensen in een organisatie beter kunnen functioneren. Bedrijven hadden bepaalde normen van hoe de dingen werden gedaan, dat moeten ze nu abrupt loslaten. En de ontdekkingen die we nu doen, moeten we vooral proberen vast te houden,” legt Aukje uit. “Ik vind het indrukwekkend hoe we allemaal in ‘no time’ ander gedrag hebben aangeleerd. Wij zijn dus versneld aan het leren dat gedrag wel degelijk te veranderen is. Onze vrijheid wordt beperkt, maar in die beperkte vrijheid blijven we continu zoeken naar creatieve manieren om te werken, wat aantoont hoe veerkrachtig wij als mens zijn.”

“Onze vrijheid wordt beperkt, maar in die beperkte vrijheid blijven we continu zoeken naar creatieve manieren om te werken, wat aantoont hoe veerkrachtig wij als mens zijn.”

Wat op dit moment gebeurt, is zo uitzonderlijk, dat het volgens Aukje totaal onvoorspelbaar is hoe in de toekomst ‘werken met liefde’ gaat evolueren. “Wie weet krijgen we een omwenteling naar een prachtige duurzame samenleving,” hoopt ze. Die verduurzaming van onze samenleving was wel al volop aan de gang, meent ze ook. “Ik heb het idee dat in veel bedrijven al was doorgedrongen dat de drie energiebronnen van mensen – verbinding, autonomie en competentie – ontzettend belangrijk zijn ter preventie van stress en ter verhoging van duurzame inzetbaarheid.”

Goed werkgeverschap

Een visuele voorstelling van goed werkgeverschap en duurzame inzetbaarheid zien we in de vijftrapsraket die Aukje ontwikkelde, waarin de basis gevormd wordt door leerruimte en autonomie. “Wij houden elk jaar een peiling bij duizenden managers. Uit dat onderzoek blijkt dat alle factoren in deze raket sterk samenhangen met duurzame inzetbaarheid,” aldus Aukje.

Leerruimte is belangrijk omdat competentieontwikkeling een basisbehoefte van mensen is. Hiertoe behoort ook het stimuleren van het informele leren, bij mensen die niet op de schoolbanken willen zitten, maar wel onmisbare kwaliteiten hebben die ze verder kunnen ontwikkelen.“ De tweede basiscomponent is autonomie. “In crisistijd is dat een lastige,” meent Aukje. “Met name in de zorgsector is de druk nu zo hoog dat er weinig ruimte is voor overleg, er moet snel en doortastend gehandeld worden. Participatief leiderschap komt onder druk te staan, vaak grijpt men terug naar directief leiderschap. Juist dan is het belangrijk om toch goede nabesprekingen te houden waarbij mensen hun zegje kunnen doen. Dat geeft voeding aan de behoefte aan autonomie. Zoals ik een legercommandant ooit hoorde zeggen: ‘Participatief waar het kan, directief waar het moet’.”

“Leerruimte is belangrijk omdat competentieontwikkeling
een basisbehoefte van mensen is.”

Dialoog gaat over goede, eerlijke, open gesprekken tussen werknemers en leidinggevenden. “Leidinggevenden moeten worden getraind in deze gesprekken, want deze dialoog goed krijgen is belangrijk voor een andere component, I-deals. Die I-deals – de I staat voor idiosyncratisch – gaan over de afspraken die je met elke werknemer individueel maakt. Iedereen is uniek, iedereen vindt iets anders leuk. Daar goede afspraken over maken, zeker ook met aandacht voor de minder mondige werknemer, helpt om het beste uit ieders talent te halen. De top van de raket, mensen betrekken, is rechtstreeks verbonden met participatief leiderschap.”

Schaamteloos werken

Goed werkgeverschap maakt volgens Aukje ook ruimte voor wat ze noemt ‘schaamteloos werken’. “Vaak zijn we erg druk met het managen van de indruk die we op anderen maken en zijn we niet zo goed in het schaamteloos uitkomen voor onze eigen fouten of zwaktes, uit angst voor veroordeling of gezichtsverlies. Het is van belang dat leidinggevenden een sfeer creëren waarbij werknemers zich onbezwaard kwetsbaar durven opstellen. Dit kan bijvoorbeeld door een buddysysteem in het leven te roepen, waarbij elke werknemer één iemand in het bijzonder in de gaten houdt. Idealiter koppelt men daarbij mensen aan elkaar die van elkaar kunnen leren, omdat hun sterke en zwakke punten verschillen. Zo krijgen mensen waardering van en voor elkaar,” vertelt Aukje.

Waardering speelt ook in de huidige crisis een grote rol. “We zijn veel meer stil gaan staan bij wat cruciale processen en beroepen zijn, denk aan verpleegkundigen, vakkenvullers en vuilnismannen. Het zijn die beroepen die nu de economie draaiende houden en die tot op heden vaak niet voldoende gewaardeerd werden. Ik hoop dat er druk komt om de arbeidsvoorwaarden van mensen in die cruciale processen te versterken. Hopelijk krijgen we dankzij de Corona-crisis massaal een soort schuldgevoel waardoor de vakbonden een sterkere onderhandelingspositie krijgen. Dat is wat we zeker als winst uit deze crisis kunnen meenemen. Het kan een mooie bijdrage zijn aan een duurzamer samenleving waarin goed werk- en opdrachtgeverschap gemeengoed worden.”

Aukje schrijft momenteel aan haar boek ‘Schaamteloos leven en werken’. Op 24 september verzorgt ze een theatercollege over dit thema tijdens de Sioo Alumnidag ‘Sterk in Ongemak’. Deze dag zal een uitgebreider en ‘blended’ programma krijgen, want één ding is zeker: we doen nu allemaal nieuwe ervaringen rond ‘ongemak’ op.

Per 1 januari 2018 werd prof. dr. Aukje Nauta benoemd tot hoogleraar ‘Enhancing individuals in a dynamic work context’ bij Universiteit Leiden. Deze leerstoel werd mede mogelijk gemaakt door Sioo, waarmee we willen investeren in de brug tussen wetenschap en praktijk op vlak van goed werkgeverschap. Nu, ruim twee jaar later, en in een context van ongeziene veranderingen gedreven door de Corona-crisis, gingen we bij haar luisteren hoe de invulling van de leerstoel vorm heeft gekregen en hoe zij de toekomst ziet.

In 2018 was Aukjes idee rond de leerstoel om een community, een Academische Werkplaats, op te richten waarin regelmatig een thema belicht zou worden, vanuit een wetenschapper en vanuit een praktijkbeoefenaar, om er vervolgens in discussies verder op in te gaan. Aukje: “Dat concept hebben we eigenlijk losgelaten. Ik ben nu vooral bezig met interventies in de praktijk, van waaruit dan theoretische inzichten groeien. Bij wetenschap werk je vanuit deductie: Je hebt een hypothese, die je gaat toetsen. Ik werk andersom, vanuit inductie: Ik ga aan de slag met problemen in een bedrijf en al doende leer je en bouw je een theorie. Soms is die theorie in overeenstemming met wat de wetenschap al weet, maar soms ontdek je heel nieuwe inzichten.”

Toegepaste wetenschap

Zo is ze bijvoorbeeld met het Betonhuis, een branchevereniging van bedrijven in de betonsector, gaan werken aan een bredere dialoog op de werkvloer over veilig en gezond werken. “Ik heb het dan over ‘fysiek gezond’, door het gebruik van mondkapjes en oordopjes, maar ook over ‘mentaal gezond’. In dit soort stoere bedrijven is dialoog hierover vaak nog ‘not done’. Een tiental bedrijven uit de sector wordt momenteel getraind om hen te helpen die dialoog beter en ook efficiënter te voeren. Mijn rol, die ik samen met mijn zakenpartner van Factor Vijf,  Cristel van de Ven, uitvoer, is om te zorgen dat wat men in de dialoogtraining leert, ook echt beklijft op de dagelijkse werkvloer. Wij brengen de bedrijven tussendoor bij elkaar in een Werkplaats, om informele leermomenten of experimenten te bedenken. Zoals gezegd, dat is geen zuivere wetenschap, maar eerder actieonderzoek.”

Het gaat om een mooie combinatie van actieonderzoek op drie niveaus. “Eerste-persoon actieonderzoek betekent dat deelnemers aan onze Werkplaats zelf direct leren hoe ze betere dialogen kunnen voeren. Tweede-persoon actieonderzoek houdt in dat de deelnemers het geleerde overbrengen naar het hele bedrijf en alle medewerkers. Derde-persoon actieonderzoek betekent dat alle opgedane praktijkkennis wordt verzameld, verspreid onder diverse bedrijven en gebundeld in een vakartikel. Dit is echt toegepaste wetenschap,” vertelt Aukje.

Wereldwijd experiment

Dit soort interventies en actieonderzoek werpen duidelijk hun vruchten af, maar de huidige pandemie heeft ook door Aukjes agenda een behoorlijke streep gezet. Toch is het niet allemaal kommer en kwel, wat Aukje betreft. “Eigenlijk zitten we met zijn allen noodgedwongen in een wereldwijd experiment, waarin we versneld leren wat je anders moet doen en hoe mensen in een organisatie beter kunnen functioneren. Bedrijven hadden bepaalde normen van hoe de dingen werden gedaan, dat moeten ze nu abrupt loslaten. En de ontdekkingen die we nu doen, moeten we vooral proberen vast te houden,” legt Aukje uit. “Ik vind het indrukwekkend hoe we allemaal in ‘no time’ ander gedrag hebben aangeleerd. Wij zijn dus versneld aan het leren dat gedrag wel degelijk te veranderen is. Onze vrijheid wordt beperkt, maar in die beperkte vrijheid blijven we continu zoeken naar creatieve manieren om te werken, wat aantoont hoe veerkrachtig wij als mens zijn.”

“Onze vrijheid wordt beperkt, maar in die beperkte vrijheid blijven we continu zoeken naar creatieve manieren om te werken, wat aantoont hoe veerkrachtig wij als mens zijn.”

Wat op dit moment gebeurt, is zo uitzonderlijk, dat het volgens Aukje totaal onvoorspelbaar is hoe in de toekomst ‘werken met liefde’ gaat evolueren. “Wie weet krijgen we een omwenteling naar een prachtige duurzame samenleving,” hoopt ze. Die verduurzaming van onze samenleving was wel al volop aan de gang, meent ze ook. “Ik heb het idee dat in veel bedrijven al was doorgedrongen dat de drie energiebronnen van mensen – verbinding, autonomie en competentie – ontzettend belangrijk zijn ter preventie van stress en ter verhoging van duurzame inzetbaarheid.”

Goed werkgeverschap

Een visuele voorstelling van goed werkgeverschap en duurzame inzetbaarheid zien we in de vijftrapsraket die Aukje ontwikkelde, waarin de basis gevormd wordt door leerruimte en autonomie. “Wij houden elk jaar een peiling bij duizenden managers. Uit dat onderzoek blijkt dat alle factoren in deze raket sterk samenhangen met duurzame inzetbaarheid,” aldus Aukje.

Leerruimte is belangrijk omdat competentieontwikkeling een basisbehoefte van mensen is. Hiertoe behoort ook het stimuleren van het informele leren, bij mensen die niet op de schoolbanken willen zitten, maar wel onmisbare kwaliteiten hebben die ze verder kunnen ontwikkelen.“ De tweede basiscomponent is autonomie. “In crisistijd is dat een lastige,” meent Aukje. “Met name in de zorgsector is de druk nu zo hoog dat er weinig ruimte is voor overleg, er moet snel en doortastend gehandeld worden. Participatief leiderschap komt onder druk te staan, vaak grijpt men terug naar directief leiderschap. Juist dan is het belangrijk om toch goede nabesprekingen te houden waarbij mensen hun zegje kunnen doen. Dat geeft voeding aan de behoefte aan autonomie. Zoals ik een legercommandant ooit hoorde zeggen: ‘Participatief waar het kan, directief waar het moet’.”

“Leerruimte is belangrijk omdat competentieontwikkeling
een basisbehoefte van mensen is.”

Dialoog gaat over goede, eerlijke, open gesprekken tussen werknemers en leidinggevenden. “Leidinggevenden moeten worden getraind in deze gesprekken, want deze dialoog goed krijgen is belangrijk voor een andere component, I-deals. Die I-deals – de I staat voor idiosyncratisch – gaan over de afspraken die je met elke werknemer individueel maakt. Iedereen is uniek, iedereen vindt iets anders leuk. Daar goede afspraken over maken, zeker ook met aandacht voor de minder mondige werknemer, helpt om het beste uit ieders talent te halen. De top van de raket, mensen betrekken, is rechtstreeks verbonden met participatief leiderschap.”

Schaamteloos werken

Goed werkgeverschap maakt volgens Aukje ook ruimte voor wat ze noemt ‘schaamteloos werken’. “Vaak zijn we erg druk met het managen van de indruk die we op anderen maken en zijn we niet zo goed in het schaamteloos uitkomen voor onze eigen fouten of zwaktes, uit angst voor veroordeling of gezichtsverlies. Het is van belang dat leidinggevenden een sfeer creëren waarbij werknemers zich onbezwaard kwetsbaar durven opstellen. Dit kan bijvoorbeeld door een buddysysteem in het leven te roepen, waarbij elke werknemer één iemand in het bijzonder in de gaten houdt. Idealiter koppelt men daarbij mensen aan elkaar die van elkaar kunnen leren, omdat hun sterke en zwakke punten verschillen. Zo krijgen mensen waardering van en voor elkaar,” vertelt Aukje.

Waardering speelt ook in de huidige crisis een grote rol. “We zijn veel meer stil gaan staan bij wat cruciale processen en beroepen zijn, denk aan verpleegkundigen, vakkenvullers en vuilnismannen. Het zijn die beroepen die nu de economie draaiende houden en die tot op heden vaak niet voldoende gewaardeerd werden. Ik hoop dat er druk komt om de arbeidsvoorwaarden van mensen in die cruciale processen te versterken. Hopelijk krijgen we dankzij de Corona-crisis massaal een soort schuldgevoel waardoor de vakbonden een sterkere onderhandelingspositie krijgen. Dat is wat we zeker als winst uit deze crisis kunnen meenemen. Het kan een mooie bijdrage zijn aan een duurzamer samenleving waarin goed werk- en opdrachtgeverschap gemeengoed worden.”

Aukje schrijft momenteel aan haar boek ‘Schaamteloos leven en werken’. Op 24 september verzorgt ze een theatercollege over dit thema tijdens de Sioo Alumnidag ‘Sterk in Ongemak’. Deze dag zal een uitgebreider en ‘blended’ programma krijgen, want één ding is zeker: we doen nu allemaal nieuwe ervaringen rond ‘ongemak’ op.